![]() |
| Beginnende latrine van een boommartervrouwtje. |
Posts tonen met het label poep. Alle posts tonen
Posts tonen met het label poep. Alle posts tonen
vrijdag 18 april 2014
Natuurspoorjournaal #64 - Preciespoepen
In de tijd dat er jongen zijn - NU - verblijven het boommartervrouwtje en haar kroost voor langere tijd op dezelfde plek. Vaak is dat een holle boom, maar ook een zolder van een zomerhuisje of een nestkast (al dan niet speciaal voor boommarters opgehangen) voldoet vaak prima. Wat dan ineens opvalt is dat boommarters preciespoepers zijn. Ook steenmarters maken latrines, een verzameling keutels bijelkaar, maar boommarters lijken er op gebrand een nieuwe keutel precies op de vorige te deponeren. Het is echt bewonderenswaardig. Probeer het zelf maar eens! Op takken vlakbij de nestholte verschijnen steeds groter wordende gebakjes. Als de stapel te hoog wordt, vallen ze op de grond en begint het bouwen van voren af aan. En als er geen geschikte tak is, doen ze het bij uitzondering op de grond of op het deksel van de nestkast. Met dezelfde, bijna dwangmatige, precisie. Waarom eigenlijk?
zaterdag 8 maart 2014
Natuurspoorjournaal #63 - Eekhoornpoep
Jaren van... Ik ben er dol op. Vooral als het om diersoorten gaat waar ik een zwak voor heb. De Zoogdiervereniging heeft het wat dat betreft goed met me voor, want na de steenmarter in 2013, zetten ze dit jaar de eekhoorn in de schijnwerpers. Goed bezig!
Qua sporen doet eekhoorn het natuurlijk voorbeeldig: grappige loopsporen (nou ja het zijn meer springsporen en vooral in de sneeuw te zien), mooie nesten en het zijn verwoede knagers, verstoppers en weer-opgravers. Maar echte poepers lijken het niet. Lange tijd dacht ik zelfs dat eekhoorns nooit naar de wc gingen. Nou ja, dat dacht ik natuurlijk niet echt, maar u begrijpt wat ik bedoel.
De uitwerpselen van eekhoorns zijn in verse toestand rond tot ovaal, ongeveer een halve centimeter groot. Als ze indrogen, krijgen de keutels karakteristieke deuken en butsen en zijn ze gemakkelijker te herkennen en onderscheiden van bijvoorbeeld de keutels van konijnen en hazen (ja, die komen ook in het bos voor).
Maar voor je ze kunt herkennen moet je ze natuurlijk wel eerst vinden. Meestal laten de schaduwstaarten de boel gewoon lopen als ze ergens in een boomtop aan het verpozen zijn. Maar soms heb je geluk en krijgen ze op de grond of op een boomstronk hoge nood. Voor een scatoloog zoals ik zijn dat altijd weer momenten van groot geluk. Maar het credo blijft, wie eekhoornpoep wil vinden, moet goed zoeken.
Volgende maand: nesten!
Qua sporen doet eekhoorn het natuurlijk voorbeeldig: grappige loopsporen (nou ja het zijn meer springsporen en vooral in de sneeuw te zien), mooie nesten en het zijn verwoede knagers, verstoppers en weer-opgravers. Maar echte poepers lijken het niet. Lange tijd dacht ik zelfs dat eekhoorns nooit naar de wc gingen. Nou ja, dat dacht ik natuurlijk niet echt, maar u begrijpt wat ik bedoel.
De uitwerpselen van eekhoorns zijn in verse toestand rond tot ovaal, ongeveer een halve centimeter groot. Als ze indrogen, krijgen de keutels karakteristieke deuken en butsen en zijn ze gemakkelijker te herkennen en onderscheiden van bijvoorbeeld de keutels van konijnen en hazen (ja, die komen ook in het bos voor).
Maar voor je ze kunt herkennen moet je ze natuurlijk wel eerst vinden. Meestal laten de schaduwstaarten de boel gewoon lopen als ze ergens in een boomtop aan het verpozen zijn. Maar soms heb je geluk en krijgen ze op de grond of op een boomstronk hoge nood. Voor een scatoloog zoals ik zijn dat altijd weer momenten van groot geluk. Maar het credo blijft, wie eekhoornpoep wil vinden, moet goed zoeken.
![]() |
| Ingedroogde uitwerpselen van de eekhoorn. |
zaterdag 4 januari 2014
Natuurspoorjournaal #56 - Volg de vos (episode ?)
![]() |
| Volg de vos... |
Waarom? Nou daarom! En omdat hij er altijd en overal is. Diep in het bos, hoog in de bergen, midden in de stad en ook het nieuwe moeras. Gisteren liep ik met Guido mijn vaste otterpoeprondje in De Onlanden. In dat rondje zit een stukje watergang van een ongeveer 1 kilometer. Sinds een jaar of twee loop ik daar eens in de maand langs op zoek naar otterpoep, ook wel spraints genoemd.
Poep = dier
Want om het even simpel te zeggen, poep = dier. Nu had Wim van Boekel (klik hier voor zijn zeer lezenswaardige website over het gebied) een jaar geleden al aangetoond dat dit prachtige dier zich in De Onlanden had gevestigd of in ieder geval langdurig op visite was geweest. Daarna volgden diverse waarnemingen van anderen verspreid over het 1800 ha grote gebied, maar in mijn gebiedje was hij nog niet geweest. Tot gister dus. Hoera. Gelukkig Nieuwjaar!
![]() |
| Otterspraint. |
Keuteltaal
Maar ik weet dat hij er is. Zijn taal is duidelijk en in keutels geschreven. Veertig in totaal op een traject 2 kilometer telden we ongeveer. Allemaal gewoon op de grond, dus niet op een verhoging. Met puntje, zonder puntje, gesegmenteerd, worstvormig, zwart, grijs, met veren en botten, of een van beide, of geen van beide, stinkend of juist best aangenaam van geur, lang, dun, dik, kort... In alle soorten en smaken zeg maar. Tot wel 15 cm lang en de dikste stukken waren ongeveer 2,5 cm. 'Hij heeft goed te eten', zeiden we tegen elkaar. Gelukkig maar.
En over uitwerpselen gesproken, er was nog een gek keuteltje van een muskusrat, bij een eetplaatsje. Niet cilindrisch, maar meer in de vorm van een langgerekte peer. En erg kort voor een muskusrattendruksel, krap aan 1 cm. Maar gelukkig mag dat volgens de onvolprezen Mammal Tracks & Sign van Mark Elbroch. Een Amerikaanse gids weliswaar, maar daar is de muskusrat inheems en dus uitgebreid beschreven.
En nu ik het er toch over heb, de muskusrat is toch ook wel een van mijn lievelingsdieren.
![]() |
| Afwijkende keutel van een muskusrat. |
Labels:
De Onlanden,
dierspoor,
diersporen,
muskusrat,
otter,
poep,
spraint,
vos
dinsdag 16 juli 2013
Natuurspoorjournaal #51 - Eekhoornpoep
![]() |
| Eekhoornpoep. |
Al een jaar of vijf probeer ik wat meer grip te krijgen op eekhoorns in sparrenbossen. Onderzoek zou ik het niet meteen willen noemen, maar ik wil wel graag een aantal dingen weten. Bijvoorbeeld, is er een relatie tussen de dichtheid aan eetplaatsjes en het voorkomen van eekhoornnesten in dergelijke opstanden. Het doel is natuurlijk om te voorkomen dat die nesten tijdens wintervellingen sneuvelen. Echter, het is geen sinecure nesten in sparrenbossen op te sporen en ik zoek een manier om het iets eenvoudiger te maken.
Daarnaast wil ik graag weten of en hoe vaak eekhoorns ten prooi vallen aan boommarters of andere predatoren. Wat is er waar van het 'sprookje' dat de eekhoorn 'den belangrijkste prooi van den boommarter' is, zoals ik ooit in een obscuur jachtboekje las? Nou ja, dat soort dingen en dus behoren sporen van eekhoorns tot mijn prioritaire aandachtsgebied.
![]() |
| Drinkende eekhoorn. |
Wat daarbij verrotte lastig is: eekhoornpoep. Ik vind het bijna nooit. Ik zoek geregeld bosvakken met veel eekhoorn-eetplaatsjes minutieus af, maar dat levert zelden (lees: eigenlijk nooit) iets bruikbaars op. Mijn gedachte is, waar gegeten wordt, wordt gepoept. Maar bij eekhoorns lijkt dat niet op te gaan. Het lijkt wel alsof ergens in het bos speciale eekhoorntoiletten zijn verstopt. Ik vertel tijdens lezingen graag over dit rabiate poepzoeken.
Omdat de eekhoornfoto's die ik bij die lezingen gebruik wat sleets werden, besloot ik een dagje een van de fotoschuilhutten van Han Bouwmeester (klik hier voor meer info) in de buurt van Goor af te huren. In het vrije veld is het fotograferen van eekhoorns meestal nog ingewikkelder dan het zoeken en vinden van hun keutels. Ik werd in de hut echter op mijn wenken bediend. Meerdere eekhoorns kwamen gewillig op het uitgelegde voer af en lieten zich in alle standjes prachtig fotograferen.
Maar waar ik nu weer ongelofelijk van baal is dat er bij de hut een van de eekhoorns zijn gevoeg had gedaan. In plaats van dat netjes op te meten, te noteren en te fotograferen met het gebruikelijke liniaaltje ernaast, ging ik er eerst met mijn dikke vingers aan zitten. Gevolg, allemaal zandkorrels op deze wonderschone poepjes. Beetje ree-achtig maar kleiner, ronder en met twee puntjes. Op de nogal slechte foto die ik daarna alsnog maakte is daar natuurlijk niets meer van te zien.
Nu moet ik november nog maar een keer naar die hut, als de eekhoorns in wintervacht zijn en van die mooie pluimen op de oren hebben. Hopen dat ze dan ook even voor mij op commando willen poepen. Want die beestjes zelf zijn hartstikke schattig om te fotograferen, maar het moet wel duidelijk blijven wat het belangrijkste is...
zaterdag 9 februari 2013
Natuurspoorjournaal #32 - Wasbeerhond
Maar het valt wat mij betreft nogal tegen met dat overspoelen. Ik heb in de afgelopen tien jaar om precies te zijn nul wasbeheerhonden gezien, ondanks dat ik best veel schemervelduren maak en tientallen dassen- en vossenburchten bezoek. Het idee is immers dat wasbeheerhonden graag dassenburchten kraken. Maar ook daar nooit een spoor van wasbeheerhonden. En ik zou het herkennen, want eind jaren negentig heb ik Oost-Polen meerdere keren marterhonden (zoals ze in Duitsland worden genoemd) gespoord en gezien.
Wat zo suf is, ik kan de dia's die ik toen van de sporen heb gemaakt, nergens terugvinden. Vaak wordt gezegd dat de prenten van wasbeheerhonden en die van vossen nauwelijks van elkaar te onderscheiden zijn. Maar in mijn herinnering was vooral aan het middenkussen wel iets te zien. Toen ik onlangs een fotootje van mijn collega Pauline Arends kreeg doorgestuurd van een zekere wasbeheerhondenprent, werd die herinnering weer bevestigd. Het is goed te zien dat het middenkussen uit drie duidelijke lobben bestaat. Bij vos en hond is dit veel minder prominent.
Waarschijnlijk aangespoord door deze herinnering, maakte ik laatst ergens in het Drents Friese Wold van een berg vossenpoep zonder moeite een mogelijke latrine van een wasbeheerhond. 'Die heb ik hier nog nooit gezien', vertelde een kennis van me die daar in de buurt resideert toen ik informeerde naar zijn ervaringen met wasbeheerhonden. Deze meneer maakt de meeste velduren van Nederland, ook bij nacht en ontij. Nu lig ik al een week met mezelf in de knoop. Wat moet de doorslag geven? Zijn kennis of mijn herinnering...
P.S. Via waarneming.nl zijn in 2012 slechts een handvol zekere waarnemingen van wasbeheerhond doorgegeven. In 2011 was dat niet anders. Ik ben zo benieuwd hoeveel er in de boekjes van de jagers staan, maar die houden het helaas bij 'we schieten er wel eens een'.
dinsdag 29 januari 2013
Sneeuwspoorjournaal #2 - Vos eet poep (dl2)
Dan ben je weer terug in Nederland, is het ineens twintig graden warmer en is de sneeuw weg. Het Sneeuwspoorjournaal moet het voorlopig dus even doen met twee afleveringen. Maar ook al knalde het groen me tegemoet vandaag, in mijn hoofd was toch nog even wit. Met een omweggetje weliswaar...
Omdat ik toch in Assen moest zijn, reed ik op de terugweg even langs een van mijn favoriete dassenburchten. De dassen waren flink actief geweest en hadden het vooral voorzien op de maïskolven die onder de sneeuw vandaan waren gekomen. Rond de burcht lag het bezaaid met afgekloven kolven. Even verderop vond ik een paar mestputjes met een paar stevige drollen, vol met maisresten. Grappige was dat die drollen weer als voer hadden gediend voor een... vos. En toen was ik terug in de sneeuw van de Harz.
Want ook daar zag ik hoe een vos poep had gegeten (zie aflevering 1). Van een edelhert weliswaar, maar het blijft voor ons mensen een wat vieze aangelegenheid. Vossen denken in deze karige tijden dat het doodzonde is om al dat kostelijke voer aan schimmels en bacteriën te geven.
Hoe weet ik nu dat het zo gegaan is? Dat weet ik niet, dat denk ik op basis van wat ik zie. En als het niet klopt wat je denkt? Dan heb ik toch weer een leuk kwartiertje gehad...
Omdat ik toch in Assen moest zijn, reed ik op de terugweg even langs een van mijn favoriete dassenburchten. De dassen waren flink actief geweest en hadden het vooral voorzien op de maïskolven die onder de sneeuw vandaan waren gekomen. Rond de burcht lag het bezaaid met afgekloven kolven. Even verderop vond ik een paar mestputjes met een paar stevige drollen, vol met maisresten. Grappige was dat die drollen weer als voer hadden gediend voor een... vos. En toen was ik terug in de sneeuw van de Harz.
Want ook daar zag ik hoe een vos poep had gegeten (zie aflevering 1). Van een edelhert weliswaar, maar het blijft voor ons mensen een wat vieze aangelegenheid. Vossen denken in deze karige tijden dat het doodzonde is om al dat kostelijke voer aan schimmels en bacteriën te geven.
Hoe weet ik nu dat het zo gegaan is? Dat weet ik niet, dat denk ik op basis van wat ik zie. En als het niet klopt wat je denkt? Dan heb ik toch weer een leuk kwartiertje gehad...
![]() |
| Mestputje van een das. Linksboven heeft de das naast de pot gepoept. In het midden een prent van een das. Linksonder een prent van een vos. De drollen in het putje waren aangevreten. |
zondag 21 oktober 2012
Natuurspoorjournaal #22 - Over poep en schaamte
De bergen van Zwitserland lijken al weer ver weg, maar gelukkig hebben we de foto's nog. Maar de foto die Nicolette maakte van de uitwerpselen van een alpensneeuwhoen maakt ook weer pijnlijk duidelijk dat we ze weer niet gezien hebben dit jaar. Wel waren we getuige van een ander bijzonder fenomeen, de najaarsbalts van twee korhanen. Het blijkt dat korhanen eigenlijk het hele jaar door op hun vaste baltsplaatsen andere mannen en natuurlijk ook de vrouwen proberen te imponeren. Maar dit terzijde.
Sneeuwhoenderpoep is van ongekende schoonheid. Wellicht is deze wat lyrische kwalificatie vooral het gevolg dat het vinden van die poepjes op hoogtes gebeurt waar de lucht, en dus ook de geest, ijl is. Maar ik vind die, vaak wat oranje, kleur zo bijzonder. Sneeuwhoenders eten in het najaar vooral bessen, zaden en knoppen van struiken en bomen, maar ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat de oranje kleur ook wordt veroorzaakt door kortsmossen die ze al dan niet toevallig mee naar binnen krijgen. Minstens zo boeiend is de wetenschap dat deze soort korstmos juist op die stenen groeit waar af en toe een vogel zijn gevoeg doet. Ze hebben de nutriënten uit die uitwerpselen nodig om te groeien, ongeveer 1 mm per jaar.
Ooit bikte ik een stukje steen met deze korstmossoort los om mee naar huis te nemen. Het ligt nu bij onze stenenverzameling in de vensterbank. Het korstmos houdt dapper stand op zeeniveau. Die steen betekent veel voor ons, maar sinds ik weet dat we misschien wel een duizend jaar oud organisme uit zijn natuurlijke omgeving hebben weggerukt , schaam ik me dood...
Foto's Nicolette Branderhorst
Sneeuwhoenderpoep is van ongekende schoonheid. Wellicht is deze wat lyrische kwalificatie vooral het gevolg dat het vinden van die poepjes op hoogtes gebeurt waar de lucht, en dus ook de geest, ijl is. Maar ik vind die, vaak wat oranje, kleur zo bijzonder. Sneeuwhoenders eten in het najaar vooral bessen, zaden en knoppen van struiken en bomen, maar ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat de oranje kleur ook wordt veroorzaakt door kortsmossen die ze al dan niet toevallig mee naar binnen krijgen. Minstens zo boeiend is de wetenschap dat deze soort korstmos juist op die stenen groeit waar af en toe een vogel zijn gevoeg doet. Ze hebben de nutriënten uit die uitwerpselen nodig om te groeien, ongeveer 1 mm per jaar.
Ooit bikte ik een stukje steen met deze korstmossoort los om mee naar huis te nemen. Het ligt nu bij onze stenenverzameling in de vensterbank. Het korstmos houdt dapper stand op zeeniveau. Die steen betekent veel voor ons, maar sinds ik weet dat we misschien wel een duizend jaar oud organisme uit zijn natuurlijke omgeving hebben weggerukt , schaam ik me dood...
Foto's Nicolette Branderhorst
Labels:
alpensneeuwhoen,
bergen,
diersporen,
korstmos,
poep
Abonneren op:
Posts (Atom)









