donderdag 15 augustus 2019

Vogels beschermen: snelheid omlaag

Samen met Lydia Tuijnman bekokstoofde ik ruim vijf jaar geleden dat het tijd werd voor een mooi natuurprogramma op RTV Drenthe. Daaruit kwam ROEG! voort. Nu is Lydia met een nieuw (kunst)project gestart. Door het fotograferen van dode vogels brengt ze in beeld hoeveel er dagelijks worden aangereden in het verkeer. Ze roept met haar project op wat langzamer te rijden. 

Huismus (foto Lydia Tuijnman)

'Als er een gevaar op je afkomt kun je uitwijken of op je schreden terugkeren. Maar onze auto’s rijden zo snel dat veel dieren niet adequaat kunnen reageren. Met alle gevolgen van dien.' Lydia ziet telkens weer kleine slachtoffers op het wegdek liggen: 'Het is zo treurig en ook nog eens heel vaak onnodig.' 

Kleine levens
Het was voor haar een eye-opener toen ze op de radio iemand hoorde uitleggen dat je met een relatief kleine snelheidsvermindering onevenredig veel dierenleed kan besparen. 'Tachtig kilometer per uur op landwegen is te snel. Maar als je bijvoorbeeld zeventig rijdt, of zestig, kunnen dieren veelal op tijd reageren, het is een snelheid die ze kunnen bevatten. Sinds ik dat weet rijd ik op landwegen nooit harder dan zeventig, meestal langzamer. En ik weet zeker dat ik daardoor veel kleine levens spaar.'

Waterhoen (foto Lydia Tuijnman)

Een beetje langzamer
Soms lijkt het wel of ze het erom doen. De zwaluwen die rakelings voor je motorkap langs suizen, de houtduiven die op het laatste nippertje de verkeerde kant opvliegen. Lydia: 'Zij zien het gevaar niet, wij moeten voor hen denken, zorgzaam zijn. Ga even wat eerder van huis, rij rustig, geniet van wat er om je heen te zien is. Het mag best een beetje langzamer.'

Tuijnman maakt foto’s van de kleine verkeersslachtoffers die ze vindt. 'Het is aangrijpend, ik vind het naar werk. Niemand wil dit zien, maar soms is een schok nodig om gedrag te veranderen. Ik hoop echt dat dit iets uitricht.'

Ik steun het initiatief van Lydia van harte. Ik snap ook wel dat we niet allemaal als slakken over de weg kunnen gaan, maar ik weet uit ervaring dat je vooral op 60 km-wegen in de schemering en in het donker heel wat aanrijdingen kunt voorkomen als je niet harder rijdt dan 60. Niet alleen het dier heeft dan voldoende tijd om over te steken c.q. te vluchten, ook zelf heb je iets meer tijd om adequaat te reageren. 

zaterdag 3 augustus 2019

Terug van Rottumerplaat

Afscheid  van Rottumerplaat
De afgelopen vier maanden waren Nicolette en ik vogelwachter op Rottumerplaat. We hebben een natuurrijk avontuur beleefd te midden van duizenden vogels. Op www.boswachtersblog.nl/rottum van Staatsbosbeheer hebben we in ongeveer twintig blogs verslag gedaan van ons belevenissen. Half november verschijnt ons boek Terug naar Rottumerplaat bij Uitgeverij kleine Uil. In het boek vertellen we over wat het verblijf op het eiland met ons heeft gedaan, wat we er van hebben geleerd  en we laten in woord en beeld vooral zien hoe bijzonder en fascinerend de Waddennatuur is.

Op dit blog gaan we verder met verhalen over diersporen, natuurbelevenissen en over onze poging van onze woonomgeving een natuurrijkere plek te maken. Dat doen we in onze eigen kleine 'huistuintjes', onze grotere moestuin maar ook in het gemeentegroen rond ons huis.

woensdag 30 januari 2019

Natuurspoorjournaal #107 - Raven zoeken

Eetplaats van een eekhoorn. 
Niets is zo heilzaam voor de geest als een middagje struinen door het bos. Daar kun je allemaal hele ingewikkelde dingen over zeggen, maar je kunt het ook laten bij de constatering dat buiten zijn en naar diersporen koekeloeren gewoon fijn is.

Maar je moet er wel een beetje moeite voor doen. Ik zeg vaak tegen de deelnemers die meedoen aan een dierspoorexcursie: als je echt sporen wilt zien, moet je vertragen, langzamer lopen en dieper kijken. De meesten zijn die oproep na één minuut alweer vergeten. Ik neem het ze niet kwalijk. Ik heb zelf ook de grootst mogelijke moeite om 'de knop om te zetten', de telefoon op stil te zetten, dat ding in de binnenbuuts te laten en me te focussen op de omgeving.

Raven
Vandaag struinde ik met Hans een deel van de Kop van Drenthe af op zoek naar raven. Sinds een jaar of zeven hebben die vogels me in hun macht. Dat begon met twee raven die mijn brood stalen op de flanken van de Munt la Schera in Zwitserland. De ene vogel gaf een vliegshowtje weg en terwijl ik daar met open mond naar zat te kijken, pikte de andere mijn rantsoen in. Even laten vlogen ze er samen met de buit vandoor. Ik weet niet of het een vooropgezet plan of toeval was, maar ik was verkocht.

Brutale raaf in Zwitserland.
In het daarop volgende jaar broedde er na wat inleidende verlovingsperikelen in de jaren daarvoor zomaar een paartje in mijn vaste 'onderzoeksgebied'. Het was na het paar dat al sinds 2003 in Dieverzand jongen groot bracht, pas het vierde of vijfde broedpaar in Drenthe na de herintroductie eind jaren zestig. Ik volgde deze nieuwe rijkdom met grote nieuwsgierigheid.

De laatste jaren neemt het aantal broedende raven in Drenthe langzaam maar gestaag toe. Het aantal broedparen ligt nu tussen de vijftien en twintig schat ik. In mijn eigen gebied volg ik nu drie veschillende koppels. Van het Norg-paar vonden Hans en ik vandaag de eerste aanzet van een nieuw nest in dezelfde boom als vorig jaar. Het gammele oude nest was na het broedseizoen uit de boom gewaaid. Op het Molenduinen-paar heb ik nog geen enkele grip. Ik zie beide vogels af en toe vliegen boven het bos, maar dat is het dan ook wel. Van het Veenhuizen-paar ontbrak nog ieder spoor op de oude nestlocatie.

Vertragen
Pas toen al dat 'werk' achter de rug was, begon het echte vertragen. En toen vonden we ineens mooie dingen. Je vind altijd meer als je niet zoekt. Een plukplaats van een havik bijvoorbeeld, een berg aangevreten sparrenkegels, tientallen keutels van vossen en marters en een slaapplaats van raven... (dachten we, zie naschrift). Verspreid op de grond lagen tientallen krijtwitte uitwerpselen en pal onder de twee bomen een stuk of tien braakballen. Er zat mais in, haren van reeën en vooral heel veel vogelveren.

Braakballen met onderin de megabal.
De meeste ballen pasten qua afmeting keurig binnen marges van wat bekend is van raven, maar eentje was maar liefst 9 bij 5 centimeter. Dat is ongekend groot voor een raaf. Ik zag voor me hoe de vogel in kwestie probeerde al kokhalzend zich van deze enorme klont te ontdoen. Maar ondanks mijn rijke fantasie, had ik het ontzettend graag in het echt willen zien.

Naschrift: Bij twijfel niet inhalen (of een blogje schrijven). Vanwege de inhoud van de braakbal, maar vooral ook vanwege de grootte, hebben we toch nog even navraag gedaan bij Willem van Manen. Hij zegt dat de braakballen van een dagroofvogel moeten zijn. Maar ook daar blijft het dilemma dat de onderste bal wel erg groot is voor een buizerd of havik. Er hangen al een tijdje twee zeearenden rond in het gebied, maar om dan meteen te zeggen dat het wel braakballen van een zeearend zullen zijn is ook weer wat suggestief. Kortom, wordt vervolgd.