Posts tonen met het label Amerikaanse nerts. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Amerikaanse nerts. Alle posts tonen

maandag 20 februari 2017

Natuurspoorjournaal #99 - Nerts

Tijdens mijn lezingen over marters wordt me vaak gevraagd of boom- en steenmarter met elkaar kunnen kruisen. Het antwoord is: nee (voor zover ik weet). In het boek Marder, Iltis, Nerz und Wiesel (Haupt Verlag) las ik dat Europese nerts en bunzing wel met elkaar kunnen kruisen. Nu zal dat geen schering en inslag zijn, al is het alleen omdat de Europese nerts zo goed als verdwenen is uit Europa. In Frankrijk, Spanje en de Baltische Staten resteren nog kleine populaties. 

Habitat van Amerikaanse nerts in de Lausitz, met wissels van nestjongen. (Duitsland)
Daar is in grote delen van Noord-Europa, onbedoeld of ongewenst zo je wilt, de Amerikaanse nerts of mink voor in de plaats gekomen. De soorten lijken sterk op elkaar. De Amerikaanse nerts is een beetje groter en zwaarder (het zal ook niet!) en heeft alleen een witte kin. De Europese nerts heeft ook nog wat wit rond de bovenlip.

Door Amerikaanse nertsen aangegeten vis. (Lausitz, Duitsland)
De mink is ooit naar Europa gehaald voor de pelsdierfokkerij, maar al in 1926 wisten ontsnapte exemplaren zich in Frankrijk in het wild voort te planten. Ook elders wist de Amerikaanse nerts zich in het wild te vestigen. In Nederland worden geregeld individuen waargenomen, maar voor zover mij bekend is voortplanting hier in het wild nog niet vastgesteld. 

Schuilplaats van Amerikaanse nerts. (Femundmarka, Noorwegen)
Ik heb Amerikaanse nertsen gezien op IJsland, aan de kust van Noorwegen en vorig jaar in de Lausitz in Duitsland. Daar konden we een moeder met haar jongen een tijdje bestuderen aan de rand van een sloot. De Amerikaanse nerts heeft in die zin dezelfde habitatvoorkeur als zijn Europese neef. Ze zullen ook wel een gemeenschappelijke voorouder hebben vermoed ik. (Of maak ik nu een denkfout?) Hoe dan ook, ze zijn een soort 'intermediair' tussen de otter en de bunzing. Ze kunnen ook verbazend goed zwemmen. En blijken, net als alle andere marterachtigen, buitengewoon interessante beestjes. 

Hoe dan ook, ik deel hier graag wat plaatjes van sporen van Amerikaanse nertsen. Je weet nooit waar het goed voor is.  

Uitwerpselen van Amerikaanse nerts in vogelkijkhut. (Lausitz, Duitsland)
Uitwerpsel van Amerikaanse nerts met visgraten. (Runde, Noorwegen)

donderdag 7 april 2016

Eenoog bunzing

Film Theo Bus

In het land der blinden is eenoog koning... Maar wat als het land vol is met concurrenten die nog allebei hun kijkers kunnen gebruiken? Regelmatig komen mijn onderzoeksmaatje Tonnie Sterken en ik op cameravalbeelden dieren tegen die aan één oog blind lijken te zijn. Oftewel, op de cameravalbeelden is te zien dat maar één van beide ogen licht reflecteert. Conclusie, hij moet wel blind zijn aan dat andere oog. (Edit: Maar misschien zijn er andere oorzaken. Dan hoor ik het graag!)

Zo hebben we een steenmarter in de buurt van Veenhuizen die zich al meer dan een jaar prima lijkt te redden. En nu had Tonnie via Theo Bus een filmpje met daarop een prachtige, ogenschijnlijk zeer vitale, bunzing. Als hij richting camera kijkt, zie je dat het een 'eenoog' is. Maar hoe erg is dat nou?

Veel onderzoek is er niet naar gedaan. Wat wel bekend is, is dat het gehoor en de reukzin bij een bunzing belangrijker zijn voor een succesvolle jacht, dan een goed zicht. Er wordt gesuggereerd dat ze 's nachts beter zien, dan overdag. Maar dan nog, prooien worden vooral met de neus opgespoord, zoals ook weer bevestigd wordt in de prachtige nieuwe monografie Polecats van Johnny Birks. 

In hoeverre een eenoog-bunzing in het nadeel is ten opzichte van zijn soortgenoten - en dus concurrenten - is gissen. Van bunzingen wordt beweerd dat ze minder territoriaal zijn dan andere materachtigen. In die zin zou concurrentiedruk dus ook minder van belang kunnen zijn. Bovendien, zo dik is het niet meer gezaaid met andere bunzingen. De intensivering van het cultuurlandschap zal daar ongetwijfeld een rol in spelen. 

En een interessante vraag die mij geregeld op mijn marterlezingen wordt gesteld is, in hoeverre steenmarter als concurrent van bunzing moet worden gezien. Ze maken deel uit van hetzelfde 'gilde' en hebben enige overlap in hun voedselkeuze en habitat. Verdrijven zij niet alle bunzingen? Ik geloof dat niet. 

Als je naar het voorkeurshabitat en voedselkeuze van de bunzing kijkt, moeten otter en Amerikaanse nerts eerder als concurrent worden gezien (als je al in dat soort termen wilt denken). Vooral van Amerikaanse nerts wordt gezegd dat hij stevig effect kan hebben op de bunzingpopulatie. De onvolprezen Vadim Sidorovich heeft in Wit-Rusland bijvoorbeeld aangetoond dat de geslachtverhouding in een bunzing-populatie drastisch kan veranderen als de Amerikaanse nerts voet aan de grond krijgt. 

De relatief kleine bunzing-vrouwtjes verliezen het van de nerts-mannen. Daardoor verschoof het aandeel bunzing-vrouwtjes in een door Sidorovich bestudeerde populatie van 43% naar 5%. Ook zag hij dat het gewicht van de vrouwtjes toenam na de komst van de nertsen. Kortom, die Amerikanen moet je wel in de gaten houden, al lijken die het in Nederland in het wild een stuk minder goed te doen dan in andere Europese landen. 

Over het hoe en waarom van oplichtende ogen bij dieren heeft Jeroen Kloppenburg al eens een leuk stuk op zijn website geschreven. Je vindt het hier