Posts tonen met het label egels. Alle posts tonen
Posts tonen met het label egels. Alle posts tonen

vrijdag 24 augustus 2012

Natuurspoorjournaal #16 - Over egels en Noorderzon

Stadse egelpoep.
Noorderzon. Het is fijn om daar te zijn. Ik hou van kunst, van theater, van muziek. Ik geniet van mensen die dat doen waar ze heel goed in zijn en daarmee andere mensen verwonderen, irriteren of juist weer ontroeren.

Ik zag een leuke show van komiek Gigalov en genoot van het eigenzinnige geluid van The Silhouettes. Maar wat me het meest verwonderde was een visuele voorstelling in mijn eigen theater. In de hoofdrol een egel. Midden in de Oude Boteringesstraat, op weg naar het Noorderplantsoen, lag voor de Doopsgezinde kerk een kleine drol. Onmiskenbaar van zo'n uit de kluiten gewassen spitsmuis met stekels. Ik keek om me heen zag niets dan stenen. Op een enkele plek probeerde een grasspriet iets van de natuur te laten zien.

Maar ik zie hem gaan. Schuifelend door de stad, op zoek naar iets eetbaars. Ik hoor het gesnuffel, het gesmak als er toch ergens een stadsslak opduikt en ik zie voor me hoe hij even om het hoekje gaat om zijn behoefte te doen. Weet hij veel dat het niet zo netjes is vlak voor een kerkdeur. God zal het hem vast niet kwalijk nemen.

Zingen kan ik niet. Teken en schilderen is aan mij niet besteed. Een muziekinstrument begint spontaan te huilen zodra het in mijn handen valt. Ik ben geen kunstenaar. Helaas. Maar de kunst van het visualseren beheers ik tot in de puntjes. Jammer dat mijn theater maar heel klein is. Anders zou ik het graag met anderen delen. Het liefst ergens op Noorderzon.

vrijdag 28 oktober 2011

Aanstekelige boeken


Bedenk waar en hoe u voor het laatst een egel heeft gezien. Grote kans dat het aan de rand van de weg was, vanuit de auto, de egel platgereden. De Engelse egelkenner Hugh Warwick denkt dat jĂșist dit beeld de wereld kan redden... Hij schreef een boek dat ik zelf graag had willen/kunnen schrijven. Wel met een andere soort in de hoofdrol natuurlijk

Blijkbaar vindt Warwick dat de wereld gered moet worden. En met behulp van de egel en het hierboven geschetste beeld gaan we volgens hem die oorlog winnen… In zijn onlangs vertaalde boek Gek op egels werkt Warwick via een aantal zijpaden dit idee langzaam uit. Eigenlijk is daarbij steeds de centrale vraag: hoe kun je zo dicht mogelijk bij de natuur komen, zonder haar te vernietigen?
De mens is duizenden jaren jager en verzamelaar geweest en moest samenleven met die natuur, of hij dat nu leuk vond of niet. De uitvindingen landbouw en veehouderij hebben volgens Warwick een eind gemaakt aan deze participatieve levenswijze. Het gaat er nu vooral om de natuur te beheersen en onderdrukken en dat is volgens Warwick de verkeerde weg. Het lijkt voor een boek over egels een wat zwaar thema, maar niets is minder waar. Hij schrijft verder op luchtige toon over zijn passie voor egels, over onderzoek en spreekt met mensen die hun leven wijden aan het opvangen van gewonde of verzwakte egels. En het gaat over de zoektocht naar Hugh’s egel in China.

Kamperen
Egels zijn fascinerende beesten. Ik herinner me een kampeervakantie op Terschelling. Op een nacht schrok ik wakker van een hels kabaal in het ‘vooronder’ van mijn tent. Het geluid van omvallende pannen en een brander werden gelardeerd met een luid gesnuif en gesmak. Enigszins bevreesd knipte ik mijn hoofdlampje aan en zag hoe een egel probeerde mijn Citronella-kaars te verorberen. Blijkbaar was hij helemaal weg van de chemische citroengeur. Het lawaai negeren en gewoon verder slapen lukte niet, dus daarom pakte ik de egel voorzichtig op. In een reflex rolde het beestje zich op. Ik bracht hem vervolgens buiten de camping, een paar honderd meter verderop en liep terug naar mijn tent. Tot mijn grote verbazing had daar opnieuw een egel het voorzien op mijn muggenverdrijver. Dat kon toch niet dezelfde egel zijn als daarnet?
Hoe dan ook, het ritueel herhaalde zich. Ik pakte het beest voorzichtig op, hij maakte van zichzelf een stekelige bal en ik liep met een pakketje over de nachtelijke camping. Ik was op dat moment heel dicht bij de natuur en de rest van de nacht ook. De egelopstand hield namelijk aan, al snel waren nummer 1 en 2 terug en hadden ze ook nummer 3 uitgenodigd voor het feest. Ik weigerde langer voor uitsmijter te spelen. In een nacht kon ik daarom vanaf de eerste rang het hele egeltoneelstuk meemaken. Er waren ruzies, hofmakerijen (althans zo interpreteerde ik dat toen) en een van de gasten nestelde zich in mijn kledingtas voor een kort nachtdutje…

'Oprolreflex'
Wat me echter het meest bezighield was die ‘oprolreflex’. Hoe doen die beesten dat precies? De egel heeft net als wij een zogenaamde fronsspier. Wij kunnen er verongelijkte gezicht mee trekken, maar omdat deze spier bij de egel tot aan zijn stuitje loopt, kan hij het overbekende oprolkunstje. En dan is er natuurlijk nog zo’n ‘dingetje’ wat het egel-zijn begerenswaardig maakt, het vermogen - of beter, de noodzaak - tot het houden winterslaap. Ze kunnen hun hartslag terugbrengen van 190 naar 20 slagen per minuut, nog maar drie keer per minuut ademhalen en hun lichaamstemperatuur verlagen van 36°C naar een graad of 10. Ze hebben zich in de herfst bovendien zo volgevreten dat ze tijdens de winterslaap, in lethargische toestand een kwart op hun lichaamsgewicht kunnen interen. Heel af en toe ontwaken ze om wat te eten, maar de rest van de winter slapen ze onder een dik pak bladeren of in een speciaal door u gebouwd egelhuis.
Over hoe dat moet, laat Warwick ons in het ongewisse, maar gelukkig heeft Tialda Hoogeveen daar weer een prachtig boekje over geschreven: Egels, onze vriendelijke tuinbewoners. Een stuk minder filosofisch dan Warwicks magnum egel-opus, maar minstens zo bruikbaar als je je voorlopig wilt beperkt tot het redden van de egelwereld…


Gek op egels. Hugh Warwick. KNNV Uitgeverij. ISBN 9789050113564; Egels, onze vriendelijke tuinbezoekers. Tialda Hoogeveen. Tirion Natuur. ISBN 9789052108506.


Dit stuk is eerder verschenen in het Friesch Dagblad.