zondag 28 april 2013

Natuurspoorjournaal #44 - Basthaar

Veegboom.
EINDELIJK! Al jaren hoop ik eens een plukje 'bast' te vinden dat reebokken in deze tijd van hun gewei schuren. En vandaag had ik geluk. Bij een prachtige veegboom lagen een paar kleine, doch zeer dichte plukjes haar. Donkergrijzig met een lichtbruin puntje.
Vaak wordt gedacht dat veegbomen van ree├źn alleen ontstaan door het vegen van het gewei. De meeste ontstaan echter wanneer reebokken hun territorium afbakenen. Op de kop, aan de voorzijde van het gewei zit de voorhoofdsklier. Vooral in het zomerhalfjaar vegen reebokken met die geurklier langs vaste, vingerdikke twijgen om een geurstof  af te zetten. De aanname is dat het afzetten van een geur andere bokken moet afschrikken. Reegeiten zouden er aan af kunnen ruiken wat de 'staat' van de bok is. Handig!
Reebok met bastgewei. (foto Barbara de Beaufort)
Het afvegen van de geweibast neemt volgens de literatuur maar een paar uur in beslag. Wat mij vaak opvalt is dat de twijgen die hier voor gebruikt worden, wat dikker zijn dan wat ik voor het gemak maar even geurtwijgen noem. Ook zijn de veegtwijgen over een een grotere lengte kaalgeschuurd. Maar helaas kon ik dat gevoel nooit onderbouwen met het vinden van een stukje huid.
De idee is dat de reebok die afgeschuurde geweibast opeet. De restjes worden snel gevonden door vogels die het gebruiken als nestmateriaal, lees ik vaak. Ik heb wel een paar keer een geweivegende reebok kunnen observeren, maar ook kort daarna kon ik nooit iets vinden. Maar vandaag had ik dus zo maar zo'n stukje bast in mijn hand. Voor mij een magisch moment (ja, ik snap wel dat u dat een beetje aanstellerig vindt). Het gekke is, het is niet wat er van verwacht had. De haartjes zijn bijvoorbeeld langer dan ik dacht, een mm of zeven, acht. Gelukkig is het wel fluweelzacht zoals ik had gehoopt. Fantasie en werkelijkheid moeten immers wel een beetje in de pas blijven lopen.

'Basthaar' van het reebok-gewei.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten